Tony Mertens, de jongen met de helm op een tank

Gepubliceerd op vrijdag 19 februari 2021
77 jaar geleden poseerde Tony Mertens (°1938) tijdens de bevrijding van Aarschot voor een foto vanop een tank. Het Stedelijk Museum gebruikt de foto van Tony op de tank voor de affiche van de expo ‘Aarschot ’40 - ’45 in beeld’. Tony bezocht de expo en vertelde ons iets meer over zijn ervaring.

Tony werd in 1938 geboren in Aarschot en woonde samen met zijn ouders, Prosper Mertens en Marie Madeleine Cuypers en zijn zussen Betty en Rita, in de Martelarenstraat. Ze hadden een handel in tabak en wijnen. Tony behaalde zijn diploma in de pers- en communicatiewetenschappen aan de KU Leuven. Hij trouwde en woont sinds 1970 in Diest.

Tony, je werd het gezicht van de expo ‘Aarschot ’40 - ’45 in beeld’. Wat vind je daarvan?

Ik was heel verbaasd toen ik de affiche voor de expo in het Stedelijk Museum voor het eerst zag op ROB-tv. Ik heb de foto samen met nog andere archiefstukken jaren geleden zelf aan het museum geschonken. Ik ben natuurlijk fier en gelukkig dat deze opname, door mijn vader zaliger gemaakt, werd geselecteerd als aankondiging van de expo. Ik vind het trouwens een sprekend beeld voor de bevrijding van Aarschot tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Wat is het verhaal achter deze foto?

Op de foto zie je mij als zesjarige knaap met de helm, mijn zuster Betty op de arm van mijn moeder zaliger, alsook een vermoeid uitziende Engelse soldaat. De soldaat kwam samen met zijn pantsercolonne op dinsdag 5 september 1944 naar Aarschot, om ons te bevrijden van de Duitsers.

Ik kan me vaag enkele herinneringen voor de geest halen van toen ik 6 jaar oud was. De tanks reden omstreeks het middaguur door de Martelarenstraat, waar wij toen woonden. De mensen kwamen op straat en juichten de soldaten toe. Ze werden gevolgd door mensen met bloemen en lekkers zoals tomaten. De tanks kwamen van de Leuvensesteenweg, over de Bonewijk. Ze reden naar Herselt en Rillaar om de ondertussen op de vlucht geslagen Duitsers te achtervolgen. Op de Grote Markt werd een rustpauze ingelast, met een grote volkstoeloop als gevolg. Mijn ouders, mijn zus Betty en ikzelf zijn ernaartoe gewandeld. Aan de huidige Fortis bank werd ik door mijn vader op die Engelse tank gezet en kreeg ik van de soldaat een helm opgezet. Dit is nu 77 jaar geleden!

Je ging ondertussen naar de expo. Wat vond je ervan?

Vanzelfsprekend bezochten mijn echtgenote en ik de expo met grote belangstelling en nieuwsgierigheid. Het doet wat met een mens als je jezelf levensgroot aan de gevel ziet hangen. We werden gastvrij onthaald en hebben ons meteen bekend gemaakt, wat enige animatie teweeg bracht.

De expo is zeer verzorgd, zowel qua voorbereiding als realisatie. De vele beelden geven een sterke indruk van de verwoestingen in Aarschot tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ik vond het boeiend om te zien hoe al die gebouwen er voor de bombardementen uitzagen. Hier en daar herkende ik zelfs mensen uit mijn jeugd.

Het is merkwaardig hoe Aarschot sinds 1945 uit het puin is herrezen dankzij de vele restauraties. Ik maakte ook van de gelegenheid gebruik om de permanente tentoonstelling van het museum nog eens te bezoeken. Voor een geboren en getogen Aarschottenaar is dat toch altijd een aangename ervaring. Ik heb ondertussen al veel reclame gemaakt voor deze expo bij mijn familie en in mijn kennissenkring.

Hoe beleefde je de oorlog als kleine jongen?

Een droevig feit is dat ik mijn peter Camille Mertens, de broer van mijn vader, in 1942 verloren ben. Hij was plotseling gestorven na zijn krijgsgevangenschap in Duitsland. Als vierjarige herinner ik mij daar echter niets van.

Tijdens de bombardementen vluchtte ons gezin even naar Glabbeek. Ik herinner me ook nog dat er tijdens de bevrijding vier Engelse soldaten enkele dagen bij ons thuis logeerden. Zij speelden veel met mij en mijn oudste zus. We kregen van hen chocolade. Op een foto ontdekte ik later dat een van hen uit de streek van Leeds afkomstig was.

Bij de aftocht van de Duitsers was er een Duitse soldaat die zijn helm met veel lawaai in onze winkel gooide. Die Duitse helm heeft, samen met een Amerikaanse, nog lange tijd dankbaar dienst gedaan als speelgoed. Vooral toen mijn vader met zijn vriend een jeep met trappedalen had gemaakt, waar vier kinderen in konden. Gelukkig waren we toen nog zo jong dat we de miserie van de oorlog niet ervaarden zoals de volwassenen die ervaarden. We speelden de oorlog graag na.

In de laatste kleuterklas in het Sancta Maria ging ik vaak met mijn kameraadjes naar de kelders van de vroegere villa van notaris D’Hooghe in de Statiestraat. Dankzij de Engelsen kregen we daar koeken en chocolade.

Jammer dat er ondertussen wellicht vele herinneringen verloren zijn gegaan door de ouderdom.

Ik verheug me enorm over wat een foto teweeg kan brengen. Ik wens de organisators van de expo in het Stedelijk Museum nog veel succes toe!

Tentoonstelling bezoeken

Wil jij de expo in het Stedelijk Museum bezoeken met jouw bubbel? Een museumbezoek is gratis. Omwille van de huidige coronamaatregelen moet je je museumbezoek verplicht reserveren. Je doet dit telefonisch via 016 56 84 51. Je vindt meer informatie op www.hetgasthuis.be/museum.